Ook in Helmond weten ze hoe je carnaval moet vieren. Zodra de eerste klanken van de feestmuziek door de straten galmen, verandert de stad in een bruisende zee van kleur, gezelligheid en uitbundigheid. Cafés zitten vol, pleinen stromen over en overal zie je groepen vrienden in de meest creatieve outfits. Het is dé periode waarin zorgen even naar de achtergrond verdwijnen en saamhorigheid centraal staat. Maar waar feest is, vloeit ook rijkelijk drank. En soms leidt dat tot situaties waar mensen later met een glimlach – of lichte schaamte – op terugkijken.
Tijdens het afgelopen carnavalsweekend was het opnieuw raak. De binnenstad stond bomvol feestvierders. Van jongvolwassen studenten tot doorgewinterde carnavalsvierders: iedereen deed mee. De sfeer was losjes, ontspannen en ongedwongen. Muziek dreunde uit boxen, polonaises slingerden door smalle straatjes en plastic bekers werden voortdurend bijgevuld. Het was precies zoals carnaval bedoeld is: even ontsnappen aan de dagelijkse routine.
Tussen al die drukte bevond zich ook een jong koppeltje dat duidelijk volop genoot van het feestgedruis. Volgens omstanders hadden ze elkaar eerder op de avond ontmoet in een van de drukste cafés van de stad. Een praatje werd een drankje, een drankje werd er twee, en voor ze het wisten stonden ze hand in hand buiten. De chemie was zichtbaar. Blikken die net iets te lang bleven hangen, lachjes die meer zeiden dan woorden. Carnaval heeft nu eenmaal de reputatie dat het mensen dichter bij elkaar brengt.
Omdat het in het centrum steeds drukker werd, besloten ze samen een rustigere plek op te zoeken, net iets buiten de stad. Even weg van de massa, weg van de harde muziek en nieuwsgierige blikken. Ze vonden een afgelegen plekje waar het stiller was. De feestgeluiden klonken nog vaag op de achtergrond, maar hier leek de wereld even stil te staan.