Wat deze situatie vooral blootlegt, is hoe normalisering van grensoverschrijdend gedrag zich langzaam maar zeker voltrekt onder de vlag van ‘humor’ of ‘experiment’. Iedereen wil opvallen, iedereen wil viraal gaan. En daarvoor lijken sommige mensen bereid alles te doen – of toe te staan. De grens tussen iets grappigs en iets ongepast wordt dagelijks opgerekt, zolang het maar gedeeld wordt.
Maar stel je eens voor dat jij op een gewone dag in de supermarkt loopt, wat boodschappen aan het pakken bent, en er komt ineens een vrouw op je af met de vraag of ze jouw ‘kopje’ mag wassen — onder het mom van een social media-uitdaging. Wat doe je dan? Lach je mee, ga je erin mee omdat je het ‘stoer’ vindt? Of voel je je ongemakkelijk, omdat je je beseft dat er honderdduizenden ogen mee kunnen kijken zodra het online staat?
Het is een bizarre gedachte, maar tegelijkertijd helemaal niet ondenkbaar meer. Want we zijn inmiddels zo ver doorgeslagen in het najagen van aandacht, dat zelfs dit soort voorstellen nauwelijks nog ophef veroorzaken. Sterker nog: er zijn waarschijnlijk mensen die vol trots zouden zeggen dat ze “er sowieso in mee zouden gaan.” Misschien ken jij zelfs zo iemand. Een vriend die meteen zou zeggen: “Ja man, ik zou dat nooit weigeren.” Je weet precies welk type we bedoelen – de zelfverzekerde alleskunner met grootspraak in de groepsapp.