Carnaval. Alleen het woord al roept beelden op van bontgekleurde optochten, drukke pleinen en cafés waar de muziek tot diep in de nacht door de speakers knalt. Het is dat ene moment in het jaar waarop complete steden veranderen in één groot feestdecor. Werk, verplichtingen en deadlines verdwijnen even naar de achtergrond. Wat overblijft is een collectieve uitlaatklep vol energie, humor en uitbundigheid.
In het zuiden van het land weet men precies hoe het moet. Weken van voorbereiding gaan eraan vooraf. Kostuums worden zorgvuldig uitgezocht, praalwagens tot in detail afgewerkt en vriendengroepen maken plannen om elk café en elke tent aan te tikken. Carnaval is geen simpel feestje, het is een traditie. Een cultuur. Een beleving die generaties verbindt.
Tijdens zo’n feest vloeit het drinken rijkelijk. De glazen blijven niet lang vol en het tempo ligt vaak hoog. Iedereen kent het principe: wat erin gaat, moet er op een gegeven moment ook weer uit. Dat hoort er nu eenmaal bij als je urenlang op pad bent, van kroeg naar kroeg, van plein naar podium.
Op een bepaald moment, ergens tussen de confetti en de laatste carnavalskraker, merkten een paar dames dat het tijd werd om even een pauze in te lassen. De rij bij de toiletten was lang, zoals dat vaak gaat tijdens grote evenementen. Geduld is dan ver te zoeken. Zeker niet als de muziek doordreunt en je vrienden alweer door willen naar de volgende locatie.